Altijd ben ik nu op zoek. Waarom? Misschien raar om te zeggen, maar ik ben op zoek naar geluk. Dat zijn we eigenlijk allemaal wel. Allemaal zijn we op zoek naar die ene persoon. Die ene die ons gelukkig kan maken en die ook voor jou zelf wil gaan.
Maar ik ben ook gewoon op zoek. Waar naar precies? Weet ik niet. Misschien ben ik gewoon altijd zoekend. Zoekend naar mijn geluk. Ik ben het ergens …
Altijd ben ik nu op zoek. Waarom? Misschien raar om te zeggen, maar ik ben op zoek naar geluk. Dat zijn we eigenlijk allemaal wel. Allemaal zijn we op zoek naar die ene persoon. Die ene die ons gelukkig kan maken en die ook voor jou zelf wil gaan.
Maar ik ben ook gewoon op zoek. Waar naar precies? Weet ik niet. Misschien ben ik gewoon altijd zoekend. Zoekend naar mijn geluk. Ik ben het ergens kwijt geraakt, maar ik ben weer op zoek.
Op zoek naar mijn geluk. Ik heb het gelukkig druk. Druk met werk, druk met mensen opbeuren en opvangen, druk met mezelf afleiden. Want als het donker word, en iedereen 1 voor 1 van MSN verdwijnt, naar huis gaat of weet ik wat… Dan begin ik met denken. Denken aan tijden, niet erg lang geleden. Denken aan wat ik anders kon doen, wat ik anders had moeten doen.
Denken aan vrienden, familie. Ik denk me suf. Ik denk me gaar. Mensen om me heen steunen me, vertrouwen op me en zien me meestal als een goede vriend. En dan denk ik; ik wil eigenlijk meer. Meer dan die jongen die zo goed kan luisteren. Meer dan die ene jongen die je laat lachen en je laat denken.
Mensen om me heen snappen me wel. Ze snappen hoe ik me voel. “Het heeft tijd nodig” zegt de een, “Je moet je niet zo dik maken, het komt weer goed” zegt een ander. Allemaal waar. Echt, dat weet ik en geloof ik. Maar toch zit er verlangen in mijn kop.
Liefde moet een uitlaat klep hebben. Een plek om naar toe te gaan. Dat weet ik ook. Gelukkig begrijpt 1 iemand dat en laat me. Tot op zekere hoogte in ieder geval. En ik weet dat het belachelijk is, maar dat kwetst me. Waarom? Weet ik ook het antwoord niet op. In de war raak je van dat soort gevoelens. Dat soort ideeën in je kop.
Mensen snappen me, zeggen ze. Dat vind ik lief, echt. Maar soms vraag ik me af of ze echt weten wat het is. Met je ziel onder de arm lopen noemen ze het geloof ik. En dat is niet het ergste; het ergste is die liefde. Die onbeantwoorde liefde die ik nog steeds voel. Die ik gewoon heb. Een relatie is neit iets wat me nu goed zou doen zeggen sommige mensen. Misschien hebben die gelijk. Maar, en dit klinkt vaag maar ik zeg het toch, een one-night-stand is dan toch niet erg?
Gewoon even dat gevoel kwijt kunnen bij iemand. Ook al weten we dan allebei donders goed dat het nergens naar toe lijdt, maar dat is ook de bedoeling. De bedoeling is gewoon even een samenzijn, even de dingen om je heen vergeten. 1 avond…
En nog loop ik te zoeken, te zoeken naar iets. Ik weet niet wat, of wie. Ik zoek… Maar waar ik ook kijk…. Steeds weer die pijn, die pijn van haar hier bij me missen zoals in dat lied.
Een relatie? Zou ik nu niet kunnen… Een avontuurtje? Ik ben jongen genoeg om daar geen nee tegen te zeggen. Maar dan weten beide partijen tenminste waar ze aan toe zijn; geen verplichtingen. Geen gedonder, geen vonken en zeker geen relatie. Gewoon een heerlijke avond, waar over gelogen mag worden. Waar niemand je om kan of mag veroordelen. Misschien zelfs een avond en een nacht, wie weet.
Maar gewoon een avond, waar we beiden onze liefde voor een ander in kwijt kunnen, zonder daarna er om te hoeven schamen. 1 avond fantasie…. Daar denk ik nu aan in deze stille, koude nacht alleen.
Morgen moet ik weer werken, dus nu moet ik gaan slapen. Slapen is iets waar ik tegen op kijk. Daar zie ik tegen op omdat dan de echte gevoelens weer komen. Gevoelens waar ik bang voor ben. Gevoelens die ik niet wil, maar toch heb. Ik wil aan 1 kant die gevoelens wel, maar de pijn die erbij hoort niet langer.
Zoekend ga ik zo slapen, een onrustige nacht tegemoet. Het gaat goed met mij zeg ik, maar ‘s nachts… Als alles kil en koud word… Dan komen de gedachten, de gedachten aan haar… Gedachten aan mij met haar… Gedachten van pijn en verdriet…..
Gedachten die zich vormen, idioot en verward. Ik smacht naar een teken. Van liefde zo je wilt, maar op zijn minst toch een teken van “Ik zie u graag” zelfs als het niet gemeend wordt. Ik wil gewoon ergens, bij iemand, mijn hart kwijt kunnen. Nu stroomt het over en kan er nergens mee heen.
Vanaf deze plaats wil daarom ook mijn excuus aanbieden… Mijn excuus aan 2 mensen, vrouwen. Zij weten wie ik bedoel. De ene woont ver weg van me, en de ander heb ik gezegd; “Bloed is bloed”. Jullie zijn mij dierbaar en staan me erg na aan het hart. Ik ben de laatste tijd erg in de war in wat mijn hart mij laat voelen. Vergeef me, maar oude vuren doven moeilijk. Vergeef me als ik jullie daarmee pijn doe, want ik weet dat de vuren waar ik het over heb, bij jullie al lang gedooft zijn. Maar mijn hart probeerd het steeds weer….
Maar verder gaat alles goed met mij en ga ik gewoon door. Ik moet, ik zal en ik ga gewoon door. Ik heb geen keuze. Het leven gaat snel; als je stil staat schiet het aan je voorbij….
Tot morgen… 